Tag Archives: Cities

THINGS I LEARNED IN PARIS

27 Apr
  •   ik kan meer en beter rode wijn zuipen dan de Parisiens die zich vooral tegoed deden aan vodka-orangeadekens. Parce-que homosexualité est gai!
  • de langs houdbare red lipstick koop je niet bij MAC maar gewoon in de supermarkt
  • ook YSL viert Pasen
  • nazi is the new Chanel 
  • je vindt er tweedehands burberytrenchies aan negentig euro
  • de bibliotheekboeken die je er in parken en op parkeermeters ziet liggen zijn niet vergeten, het is een statement. LEES MEER. (als freak kan ik je dan enkel maar: La vie: mode d’emploi van George Perec aanraden, een kanon van over de duizend pagina’s maar lifechanging!)
  • mensen kunnen naar pugs ruiken.
  • Mexicaans worstelen is in: prediction of the masks in stores soon!
  • Toeristen zijn blijkbaar nog steeds willing een uur te wachten en vijftig euro te betalen voor een dude die hen al tekenend op hun mankementen wijst. Wanneer ik zoiets gratis wil doen is er colère.
  • Fransozen zijn /b/tards
  • Skateboarden is fysica
  • Het is allesbehalve slecht gesteld met mijn frans. Parijzenaren geven geen hol om genusfouten mijnheer Vandermeulen
  •  Auteur Jean-Bernard Pouy gebruikt tandpasta voor gevoelige tanden
  • Johnny Halliday = legend
  • Op free podia komt ook in Parijs werkelijk allerlei crap af
  • Shotjes zijn voordeliger dan bier
  • Palais de Tokyo heeft niets te maken met Japan
  • De zin “one art please” wordt niet op gelach onthaald in museumshops
  • Skyfishing is possible
  • Bij problemen: pijp de macbook
  • De schoen van Muntazer Al-Zaïdi  die Bush’s hoofd rakelings voorbijscheerde is kunst volgens Laith Al-Amiri en de curatoren van PERGOLA. 
  • Fashion is Von Trapp
  • Tout le monde voulait notre zizi, oui oui oui oui
  • Léonard is een gastvrije topkerel

Leren Le(u)ven voor MB

12 Apr

Aangezien Facebook een verderfelijke put van onnuttige informatie is kreeg ik onlangs de melding dat een zekere K. de quiz “ben jij een echte Leuvenaar?” had afgenomen. Jammer voor hem maar tot mijn grootste trots bleek hij dat niet te zijn. Ten tijde waar de Fransoos krampachtig op zoek is naar zijn identiteit en de ingeweken Algerijnen zich dan maar vereenzelvigen met hun godsdienst omdat blanke landgenoten zelf niet schijnen te weten waar de klepel hangt, probeert K., oorspronkelijk van Tongeren, zich gelijk te stellen met het gepeupel dat zijn studentenstad bevolkt. Nu is mijn vraag: wat is een echte Leuvenaar? Afgezien van een handjevol Brabanders is Leuven toch vooral een woonplaats voor studenten en ex-studenten? De pracht en praal van deze historische Vlaemsche plek waar onze grootouders nog streden voor het gebruik van Nederlands op de universiteiten van weleer is nu een verzameling onbenullen geworden.

Leuven is de grootste luchtbel van deze tijd. Het is nauwelijks een stad te noemen, en iedere week is er hetzelfde. De Tiensestraat en OudeMarkt zijn allesbehalve long and windy roads waar je voorbereid wordt op het echte leven, laat staan waar het echte leven begint. Het is een eindeloze herhaling van steeds weer dezelfde cafés of –sta me bij- “fakbars” waar telkens opnieuw dezelfde geestesverstompende muziek gedraaid wordt, bier wordt gemorst en het steevast een wedstrijd om ter stijllooste outfit is. Enkel de barmannen en lintjes verschillen. De Tobackstad is een crèche voor zij die al dan niet regelmatig in aula’s vertoeven en graag hun maaginhoud tegen het rioolrooster zien kletteren. Geloof me, due to l’amour heb ik zelf enkele jaren meer dan een dag per week in het Leuvense doorgebracht, ik weet waarover ik spreek. Anders had ik er inderdaad fuckall van geweten, aangezien ik steevast heb gekozen voor een echte stad om mijn studententijd te beleven. Het verschil met Leuven is immens.

Leuven is een beschermende cocon waar iedereen op de eerste plaats student is en bijgevolg deelneemt aan louter studentikoze activiteiten –ik heb het hier niet enkel over studentenclubs-. Hierdoor blijven studenten van het Leuvense altijd die tikkel naiever en onvolwassener dan hun Gentse, Antwerpse of Brusselse soortgenoten, simpelweg omdat een stad als Leuven niet aanzet tot zelfontwikkeling. Iedere avond in Leuven verloopt hetzelfde: indrinken op iemand’s kot, een bezoekje aan de fakbars om te eindigen in marginale danscafés of bij tijd en wijl in een van de weinige clubs die de studentenstad rijk is. En dat allemaal in een t-shirtje waar bier op gemorst kan worden, ietwat stijlvollere jurkjes worden enkel bij galabals van de respectievelijke richting van zichzelf of Den Boyfriend uit de kast gehaald. In Gent of Antwerpen daarentegen is iedereen bezig met groeien, met zichzelf te ontwikkelen, met leven. En daarnaast studeren ze. Mensen zijn hier echter, straten levendiger, en opties gevarieerder. Dat heb je dan ook in een echte stad.

Ik snap het wel hoor, waarom sommige mensen voor Leuven kiezen, afstand van het thuisfront ten spijt. De KUL opent zeker voor rechtenstudenten nog enkele deuren (niet het minst die van de loges) en ook Groep T is een naam die men nog steeds graag op sollicitatieformulieren ziet verschijnen. Voor de rest is de ooit zo prestigieuze universiteitsstad voorbijgestreefd. Voor Geneeskunde zit je beter in Gent, voor Letteren in Antwerpen. Studenten Geschiedenis kunnen zich ook maar beter richting Oost-Vlaanderen bewegen, net als zij die er ooit op hopen een suffig plaatje met “psycholoog” voor hun deur te kunnen nagelen. Niet dat je daarvoor gestudeerd moet hebben. Bref: het is niet zo dat Leuven een meerwaarde is, al zijn er nog steeds veel mensen die geen andere stad in overweging zouden durven nemen voor het voortzetten van hun scolaire carrière. Waarom zou je jezelf op je 19e al begraven in een vooraf vastgesteld bestaan? In Leuven is “studeren” een intermezzo geworden, een aperitief voor “het echte leven” als het ware, dat start wanneer men afgestudeerd is en men kinderen begint te werpen/hopelijk terechtkomt in een job waarbij de door jou in Leuven aangeworven competenties van pas komen. Een kneusje blijft uit nostalgische overwegingen hangen, voor de rest tuft het leven er voorbij. Same shit different day, different people die er komen om te studeren, zich te amuseren en er “de tijd van hun leven” te beleven, zich er volledig van onbewust dat ze die tijd nog kostbaarder hadden kunnen invullen. In heuse steden als Gent stopt het leven niet wanneer je stopt met studeren. Je zet er gewoon je leven voort dat je tijdens die “tijd van je leven” hebt opgebouwd, teneinde die tijd te verlengen en dus gelukkig te blijven.

Leuven is echter een vakantiepark dat iedereen (en deze mentaliteit heerst dan vooral bij de immer sympathieke Limburgers) in zijn leven eens bezocht moet hebben. Je hebt er vast een leuke tijd, maar achteraf hou je er niet veel meer aan over dan je toegangsbewijsje en enkele wazige foto’s.

Little Red Riding Neighbourhood

28 Feb

Al een hele tijd geleden dat ik me nog eens in de zogenaamde ‘blogosfeer’ (vréselijk woord, niet?) waagde, maar dat was louter omdat ik bezig was met op te groeien. Ik heb er drieëntwintig jaar voor nodig gehad, maar het kleine zaadje verantwoordelijkheidsgevoel dat mijn ouders inplantten bij het aanschaffen van mn eerste pop-die-echt-kan-plassen begint eindelijk te kiemen.

Zo heb ik de afgelopen weken besloten in welke stad ik mijn komende levenswandel zou voorthobbelen, en believe you me, dat was allesbehalve marmercake! Als achttienjarige rebel ontvluchtte ik thuisstad Antwerpen om te gaan studeren in het toen nog ‘onbekende en alternatieve Gent’. Ik heb van de stad gehouden, ik heb de stad gehaat, maar echt thuis heb ik me er nooit gevoeld. Mijn accent is geen deel van mn karakter, maar mn Metropolitaanse A en IJ-klanken zijn nu eenmaal redelijk hardnekkig. Hoewel niet veel mensen me op het eerste gehoor onder de Boerentoren zouden plaatsen had ik bij het doorsijpelen van mijn ware afkomst steeds het gevoel dat ik me moest verantwoorden voor mijn Belangstemmend en overtuigd van opperbelanghebbend thuisvolk. Natuurlijk was niet iedereen in het Gentsche zo bevooroordeeld en bekrompen, maar ik heb mijn portie toch gehad, letterlijk en figuurlijk. De dag is gekomen dat ik zonder scrupules kan zeggen: “Gent gast, ik zen a beu!”. Ontgroeid en ontgroend, en de hele meute “want Leuven is volzet” studenten die zich sinds dit academiejaar steeds opvallender in de straten en cafés hebben genesteld deden er geen deugd aan. De begrijpend lezer onder u heeft vast al begrepen dat ik terugkeer naar mn roots. Het zonnebrildragend, foutparkerend, degusterend en brouillerend Antwerpen-aan-de-Schelde, alwaar de huurprijzen hoog, en de panden lekker Victoriaans zijn.

Voorts heb ik, door ontelbare treinstakingen, afwezige bestuurders en een overdaad aan Panosbroodjes op mn heupen, besloten eindelijk eens voor dat rijbewijs te gaan. Quoi? Exactement, ik, die al vijf jaar legaal zou mogen rondtuffen mits daarvoor toestemming verleend brevetje, heb nog steeds die stap niet gewaagd. Een keer, een enkele keer, ben ik met mn vader gaan rijden op een verlaten industrieterrein. Vijf seconden, veel gevloek, getier en mijn handen die van het stuur voor mn ogen vlogen later slaagde ik er wonderwel in mijn vader’s Saab te laten Eskimozoenen met de voorgevel van het enige fabriekspand in de wijdse omgeving van de afgelegen plek die ma en pa Ruby zorgvuldig hadden uitgekozen. Sindsdien ben ik ervan overtuigd geweest dat ik lekker eco bezig was met mn go-passen en trambiljetjes, maar mijn ware reden was De Angst. Bij autorijden komt zoveel kijken dat ik het er Valenciaans benauwd van krijg. Radiozender opzoeken, koppelen, schakelen, gasgeven, spiegelkijken, anticiperen, ambriëren, vloeken op andere bestuurders, rug rechthouden, denken aan de verkeersregels, meezingen, sms’en, uitkijken voor duiven, voorrang verlenen, beslissingen maken bij het zien van een oranje licht… hoe DOET iedereen dat toch? Ware het niet voor ettelijke gemiste dates en had ik niet reeds véél te schattige leren autorijhandschoentjes (cognacbruin kalfsleder, vingerloos, drukknop, DIESEL) aangeschaft was ik er waarschijnlijk nooit aan begonnen. Geen vroegtijdige hoeraatjes echter, i made my mind up, maar de volgende stappen (theorieboekje kopen, theorieboekje leren, theorieexamen afleggen, slagen, rijlessen boeken, rijlessen volgen enz enz) kunnen nog eens ettelijke jaren in beslag nemen. Zolang ik op mijn 26e (aka de overgangsleeftijd van Go- (50 euries) naar RAIL- (75 euries) pass) maar kan snel-weg-zoeven ben ik tevree.

Tot dan laat ik me lekker rondrijden, zoals het een Upper-South-Sider betaamt. (ik hoop dat jullie kunnen leven met de contradictio in terminis van Upper-South, want ik ga alvast niet laten uitschijnen dat ik in Antwerpen-Oost woon.)